Cultuurbeleid: de alternatieve voorstellen


Hieronder een overzicht van de cultuurparagrafen van de links(ig)e partijen, alfabetisch gerangschikt.

Maar eerst wat kanttekeningen.

Opmerkelijk is de wazige, vroom algemene, en vooral ultrakorte paragraaf van de PvdA, eens te meer omdat een van de voorgestelde beleidspunten (inzake de BTW) inmiddels al gerealiseerd is. Overigens geldt dit laatste punt vook voor andere partijen: dapperheid na de veldslag.

De nadruk van enkele partijen op het economische belang van kunst en cultuur lijkt een aardige verdedigingslinie, maar wordt minstens dan twijfelachtig, zodra je bedenkt dat de verbreding van snelwegen ook belangrijk heet te zijn voor de economie van ons land. Dat is echter geen maatregel die je snel van Groen Links of D66 zult verwachten. Het eventuele economische belang van kunst en cultuur is interessant, maar kan dus geen doorslaggevend argument zijn.
En wat betekent precies deze opmerking van Groen Links: ‘Creatieve steden als Amsterdam en Eindhoven zijn een economische motor voor Nederland.’? Hoeven steden die geen economische motor zijn, geen ondersteuning voor kunst en cultuur te krijgen? Of moet heel Nederland via kunst en cultuur tot economische motor worden omgebouwd? Twee totaal verschillende consequenties van dezelfde opmerking.
Vergelijkbaars geldt voor D66.

In het algemeen moet gezegd, dat geen van de partijen duidelijk is over de financiële consequenties van het een en ander. Geen van de partijen betrekt stelling tegenover de reeds toegebrachte kortingen in hun hele rabiate omvang. Geen van de partijen spreekt uitdrukkelijk van financiële reparatie, laat staan van enig percentage. Wellicht is hier een zekere bangelijkheid ten opzichte van het typische PVV-verwijt van hernieuwd links elitarisme debet aan.
Ook inzake de financiën is Groen Links wazig. Betekent ‘We bezuinigen niet op talentontwikkeling en cultuuronderwijs’, dat wel kan worden bezuinigd op andere invalshoeken?

Wat ‘We stimuleren dat kinderen meer gaan sporten’ te zoeken heeft in de cultuurparagraaf, mag de SP mij komen uitleggen.
Zoiets geldt ook voor deze opmerking uit het programma van de Partij voor de Dieren: ‘De overheid bevordert het herstel van cultuurlandschappen, onder meer door renovatie of aanleg van akkerranden en houtwallen.’ Op zichzelf geen slechte gedachte, maar de betekenis van het woord ‘cultuur’ wordt hier toch enigermate opgerekt.
Het programma van de Christen Unie koppelt het voorgestane maatschappelijk belang van kunst onderhands aan de afwezigheid van godslastering. Los daarvan kan de nadruk op het maatschappelijke belang ook als uitsluitingscriterium bij het toekennen van subsidies worden ingezet. Met als gevolg dat je misschien heel weinig (niet godslasterende) schilderkunst of hedendaagse gecomponeerde muziek overhoudt.

*

CHRISTEN UNIE


Ruimte voor creativiteit en diversiteit


Kunst, cultuur en erfgoed

Ook in kunst en cultuur zien we de identiteit van een samenleving terug. Daarom zijn kunst en cultuur primair van en voor de samenleving. De rol van de overheid beperkt zich voornamelijk tot die van opdrachtgever en subsidieverstrekker. Ook is de overheid hoeder van ons materiële en immateriële erfgoed. Bijzondere gebouwen, voorwerpen, tradities en verhalen tonen de geschiedenis van ons land en verdienen bescherming.

Cultureel ondernemerschap

Het bevorderen van cultureel ondernemerschap is de mantra waarmee veel bezuinigingen op kunst en cultuur verdedigd zijn. Daarmee is vooral bedoeld dat de culturele sector minder afhankelijk wordt van overheidssubsidies en meer eigen inkomsten genereert. De ChristenUnie vindt de focus op cultureel ondernemerschap ook belangrijk, maar het is wel een eenzijdige benadering van de bezuinigingen die geen recht doet aan het culturele veld.
In de eerste plaats mag van de overheid verwacht worden dat zij niet alleen aandacht heeft voor de economische waarde van kunst en cultuur, maar ook voor de maatschappelijke waarde en voor de artistieke of intrinsieke waarde. Bij volledige ‘vermarkting’ van de culturele sector, zal het meer bijzondere culturele aanbod verdwijnen. Het subsidiebeleid zal daarom mede gericht moeten zijn op het in stand houden van een divers aanbod waarin ook voor het bijzondere een plek blijft.
Ook is het belangrijk dat de overheid een omslag in haar denken maakt bij het subsidiebeleid. Als zij verwacht dat de culturele sector ondernemender wordt, moet zij de culturele sector ook als ondernemers benaderen. Dat is: niet langer tekorten financieren, maar subsidie verstrekken aan producten met maatschappelijke waarde en daar heldere afspraken over maken.
Voor de culturele sector zelf geldt dat zij moet samenwerken en bruggen slaan naar de samenleving.
Decentrale overheden kunnen een impuls geven aan het bevorderen van cultureel ondernemerschap, door alle betrokken partijen (cultuursector, bedrijfsleven, toerisme en recreatie, maatschappelijke organisaties en inwoners) bij elkaar te brengen en methoden en ervaringen uit te wisselen.

Kunst- en cultuureducatie

De ChristenUnie vindt het belangrijk dat kinderen en jongeren met kunst en cultuur in aanraking komen. Door beoefening van de amateurkunsten ontdekken en ontplooien zij hun creatieve talenten. Kunst- en cultuureducatie is een belangrijk onderdeel van hun vorming en een waardevolle aanvulling op het reguliere onderwijs. Scholen kunnen heel goed in vrijheid hier een eigen invulling aan geven.
Provinciale instellingen voor kunst- en cultuureducatie kunnen hierbij behulpzaam zijn door een breed aanbod van lespakketten samen te stellen.

Wereldvisie

Kunst weerspiegelt de visie van de kunstenaar op de ons omringende wereld. Uitingen van – veelal moderne – kunst en cultuur kunnen een gevoel van vervreemding oproepen, omdat beschouwers niet het wereldbeeld herkennen dat hun wordt voorgehouden. Kunst kan gewoon mooi zijn, maar kan ook verrassen, mensen uit het vanzelfsprekende trekken en aansporen tot bezinning en reflectie. De overheid past terughoudendheid bij het opstellen van normatieve kaders en stimuleert veeleer het debat in de samenleving over kunst en cultuur. Godslastering en het aanzetten tot geweld en discriminatie zijn nooit acceptabel.

Erfgoed

Erfgoed staat niet op zichzelf, maar maakt veelal onderdeel uit van de regionale of lokale geschiedenis. Instandhouding van het cultureel erfgoed kan daarom het beste in samenhang met andere (ruimtelijke) vraagstukken in een gebied opgepakt worden. Nieuwe functies (herbestemming) maken daar nadrukkelijk onderdeel van uit. Kerkgebouwen en industrieel erfgoed uit het recente verleden verdienen meer aandacht in het erfgoedbeleid.

* Oog voor het bijzondere. De overheid geeft zich in het subsidiebeleid rekenschap van een divers cultureel aanbod en heeft voldoende oog voor het meer bijzondere aanbod, waar de ‘markt’ weinig waarde aan toekent.
* Minder subsidie, meer creatieve financiering. Financieringsvormen zoals garantieregelingen of leningen die na aflossing opnieuw aan anderen kunnen worden verstrekt kunnen startende getalenteerde kunstenaars helpen hun beroepspraktijk op te bouwen.
* Kunst- en cultuureducatie op scholen is belangrijk, maar scholen bepalen zelf hoe zij daar invulling aan geven.
* Bescherming van monumenten, oude kerken en cultureel erfgoed. Ons materiële en immateriële erfgoed verdient bescherming op basis van heldere selectiecriteria.

Instandhouding van het cultureel erfgoed wordt in samenhang met andere (ruimtelijke) vraagstukken in een gebied opgepakt.

Internet

Een vrij en toegankelijk internet is belangrijk voor de Nederlandse economie en samenleving. Internet biedt grenzeloze mogelijkheden. De internetgebruiker heeft daarbij behoefte aan solide bescherming van de privacy, maar krijgt die onvoldoende. En dat terwijl de ontwikkelingen op het gebied van internet, mobiele telefonie en media in hoog tempo doorgaan. Internetgebruikers moeten de vrijheid hebben om zelf de provider te kiezen die ze willen.
* Internetfiltering blijft mogelijk. Internetfiltering door providers, zoals Kliksafe, moet mogelijk blijven. Hierdoor kunnen kwalijke internetpraktijken afgeschermd worden, onder andere in het belang van kinderen.
* Bescherming van de privacy in het digitale tijdperk. Het zorgvuldig omgaan met persoonlijke gegevens blijft belangrijk, juist bij internetverkeer.
* Tegengaan van internet- en gameverslaving. De hulpverlening wordt beter afgestemd op de problemen van internet- en gameverslaving.

Omroepbeleid

Voor de Nederlandse samenleving is een onafhankelijke, pluriforme en in de samenleving verwortelde publieke omroep van cruciaal belang. De publieke omroep geeft mensen en groepen een stem, draagt bij aan overdracht van kennis en waarden en biedt een forum voor maatschappelijke discussie, waarin we van mening kunnen verschillen. Het publieke bestel blijkt één van de goedkoopste van Europa te zijn en bovendien opgewassen tegen de concurrentie met de commerciële omroepen. De ChristenUnie is dan ook een voorstander van handhaving van dit publieke bestel waar inhoud en bereik hand in hand gaan, met als hart duidelijk geprofileerde ledenomroepen. Dat geeft ook een grote verantwoordelijkheid aan de publieke omroepen. Bijvoorbeeld ten aanzien van het niveau van de
aangeboden programma’s.
De klassieke publieke omroep, met vaste uitzendtijden en een strakke programmering bestaat immers niet meer. Mensen kijken steeds meer op een moment dat het hen uitkomt, of alleen nog via internet. De ChristenUnie wil de Mediawet hierop aanpassen zodat publieke omroepen ook andere vormen van programma-aanbod kunnen ontwikkelen. Ook in het digitale domein kan de publieke omroep een volwaardige rol spelen. Het belang van onafhankelijkheid en pluriformiteit is hier evenzeer van waarde.
* Omroepbudgetten langer vastleggen. Om de continuïteit te bevorderen wordt de toekenning van het budget voor de publieke omroepen voortaan gekoppeld aan de concessieperiode. Het aantal leden moet zwaarder dan nu meewegen bij de verdeling van het budget. Dit omdat daarmee de verworteling van de omroepverenigingen in de samenleving
wordt aangetoond.
* Ruimte voor levensbeschouwelijke omroepen. In een pluriforme samenleving vindt de ChristenUnie het belangrijk dat er uitdrukkelijk ruimte gemaakt wordt voor programma’s met een duidelijk herkenbare identiteit en kwetsbare genres zoals levensbeschouwing. Wij vinden het belangrijk dat christenen zich kunnen blijven herkennen in de programmering bij de publieke omroep.
* Beperking van de rol van de Nederlandse Publieke Omroep. De NPO coördineert de programmering en operationele activiteiten worden alleen dan door de NPO gedaan als uitvoering door omroepen niet wenselijk is.
* Een veilig en verantwoord media aanbod. In de Mediawet zijn hier richtlijnen voor opgenomen. De samenleving kan de ombudsman van de publieke omroep hierop aanspreken.
* Geen verkapte loterijen op de tv. Er komt een strakke regulering van belprogramma’s. Geen seksreclameblokken op de open commerciële zenders in de nachtelijke uren.

**

D66

Voor D66 is cultuur een inspiratiebron voor iedereen, geen “hobby” of luxegoed voor enkelen. Kunst, cultuur en erfgoed kunnen verbinden en onderscheiden. Ze helpen een samenleving om voortdurend op zichzelf te reflecteren. Wij vinden een sterke culturele en creatieve sector een essentiële voorwaarde voor een open, zich ontwikkelende en verbonden samenleving. Cultuur heeft daarnaast ook economische waarde. Een bloeiende culturele sector is een reden om ergens te willen wonen en maakt ons land op die manier aantrekkelijk voor talenten en bedrijven.

Vrije en diverse media vormen een onlosmakelijk onderdeel van een bloeiende samenleving en een werkende democratie. Het kritische en beschouwende oog is noodzakelijk voor het controleren en ter verantwoording roepen van de macht. Een vrije pers is ook de motor van dialoog en debat in een samenleving die voortdurend in ontwikkeling is. De overheid heeft een belangrijke rol in het waarborgen van vrije media.

***


GROEN LINKS


Creatieve samenleving

Kunstenaars en journalisten verstevigen de publieke ruimte en de samenleving. Een open samenleving vereist een cultuur van debat. Een bruisende culturele sector, veelstemmige media, onafhankelijke journalistiek en een vrij internet dragen daar aan bij. Kunst stelt vragen bij dat wat we dachten zeker te weten, ze verbeeldt werelden die er niet zijn, gedachten die nog niet eerder gedacht waren.

Kunst kost geld, maar levert ons nog veel meer op. Internationaal vermaarde orkesten en Hollandse meesters zijn een visitekaartje aan de wereld. In steden waar de kunsten bloeien, wonen en werken mensen graag. Creatieve
steden als Amsterdam en Eindhoven zijn een economische motor voor Nederland.
Kunst verrijkt onze levens en geeft glans aan het bestaan. We bezuinigen niet op talentontwikkeling en cultuuronderwijs.


Digitale vrijheid

Wanneer je aan het internetten bent, wil je niet dat je provider stiekem meekijkt. Dat is alsof de postbode je brieven openmaakt. Toch waren internetproviders mogelijk gedwongen om hun klanten te bespioneren, als de Europese Unie zich had aangesloten bij ACTA. Dat verdrag beoogt inbreuken op auteursrecht tegen te gaan, maar houdt geen rekening met grondrechten zoals privacy. In de Tweede Kamer voorkwam GroenLinks met een motie dat de regering ACTA ondertekende. In het Europees Parlement was de Groene fractie, waar GroenLinks deel van uitmaakt, aanvoerder van het verzet. In juli stemde het Europarlement massaal tegen ACTA. Daardoor wordt het verdrag niet van kracht in de EU. Bovendien staan digitale grondrechten en een eigentijds auteursrecht hoger op de politieke agenda dan ooit tevoren.

****


PvdA

Nederland is groot in kunst en cultuur. Dit biedt geweldige mogelijkheden tot leren en begrijpen, tot verheffen en ontplooien. Ook de economische betekenis van de culturele sector is onomstreden. Daarom is een actieve overheidspolitiek op het gebied van kunst en cultuur cruciaal.

Enkele maatregelen die de PvdA voorstelt:
We draaien de BTW-verhoging voor podium- en beeldende kunsten definitief terug.
We blijven de Cultuurkaart voor jongeren ondersteunen.
We willen dat regionale omroepen behouden blijven.

*****


PARTIJ VOOR DE DIEREN

Een creatieve samenleving is een samenleving met brede ontplooiingsmogelijkheden. Cultuur zorgt voor een verrijking van het leven. Het staat voor de immateriële waarden die de Partij voor de Dieren belangrijk vindt. Cultuur zet aan het denken, maakt emoties los, ontroert of ontregelt, cultuur helpt mensen om buiten de gebaande paden te denken; en dat heeft de samenleving hard nodig.

Cultuur voor iedereen toegankelijk.

• Kunst en cultuur vallen onder een laag BTW-tarief van 6%, dus ook de podiumkunsten.
• Er wordt geïnvesteerd in bibliotheken omdat deze belangrijk zijn in het laagdrempelig aanbieden van kennis.
• Kunst-, literaire en historische archieven worden gedigitaliseerd.
Deze digitale cultuurarchieven worden voor iedereen gratis toegankelijk.
• Musea geven minstens één dag in de week gratis toegang.
• De Rijksoverheid bevordert herbestemming van monumenten.
Sloop van historisch waardevolle panden dient voorkomen te worden.
• De overheid stimuleert gemeenten om cultuurhistorische en archeologische waardekaarten op te stellen.
• De overheid bevordert het herstel van cultuurlandschappen, onder meer door renovatie of aanleg van akkerranden en houtwallen.

Vrije en onafhankelijke kunst en media.

Onafhankelijke onderzoeksjournalistiek is noodzakelijk voor de controle
op de macht. Als het gaat om het aan de kaak stellen van misstanden in onze samenleving spelen ook de nieuwe (social) media een niet te onderschatten rol.
• Oude én nieuwe media kunnen aanspraak maken op het Stimuleringsfonds voor de media.
• Kunstraden opereren onafhankelijk van de politiek. De toekenning van subsidies wordt transparant.
• Levensbeschouwelijke programmering – anders dan via subsidie aan ledenomroepen – is geen taak voor de overheid. De zendtijd voor kerkgenootschappen en genootschappen op geestelijke grondslag wordt daarom afgeschaft.

******


SP

Het leven bestaat uit meer dan alleen werken en geld verdienen. Het voeden van de verbeelding en van de geest is net zo belangrijk. Films en televisieprogramma’s die je ziet, boeken die je leest of schrijft, muziek
die je maakt of waarnaar je luistert, mooie schilderijen die je in het museum bekijkt of zelf maakt, toneelvoorstellingen waar je naar kijkt of aan meedoet. Dat zijn dingen die je uittillen boven de alledaagsheid van het bestaan. Het bevorderen en ruim baan geven aan allerlei vormen van creativiteit verrijkt ons leven. Een breed aanbod van kunst en cultuur dient daarom beschikbaar en toegankelijk te zijn voor een groot publiek.
Bibliotheekfilialen in oude wijken en op het platteland moeten dus niet worden gesloten, maar gekoesterd. Net als muziekscholen en fanfares, zangkoren en toneelclubs, poppodia, ateliers voor beeldende kunst en andere
kleinschalige centra. Beginnende kunstenaars worden aangemoedigd, talent wordt gestimuleerd, zodat we in Nederland ook in de toekomst scheppende en uitvoerende kunst hebben van hoog niveau.
De BTW op kunst en cultuur wordt daarom verlaagd en muzikanten en andere beroepskunstenaars bieden we een eerlijke prijs en een fatsoenlijk inkomen. We stimuleren dat kinderen meer gaan sporten. En we maken gratis toegang tot musea mogelijk om zo iedereen te kunnen laten genieten van wat van ons allemaal is en ons is nagelaten. De media vormen een bron van vermaak maar zorgen ook voor broodnodige informatie en confrontatie van opvattingen. De Publieke Omroep geven we daarom de ruimte om zichzelf verder te ontwikkelen.
We zetten ons ook in voor een bredere nieuwsvoorziening, ook op lokaal en regionaal niveau. Makers moeten de ruimte krijgen om op nieuwe manieren geld te verdienen met hun werk. Naast de traditionele weg via platenmaatschappij of galerie dienen kunstenaars zich op internet vrij te kunnen presenteren en zo hun publiek en wellicht de kopers van hun werk bereiken.

ONZE VOORSTELLEN

KUNST EN CULTUUR
1. De BTW op kunst en cultuur wordt verlaagd naar zes procent.
2. Gesubsidieerde musea horen minstens één dag per week gratis toegankelijk te zijn. We onderzoeken
de mogelijkheden van een herstart van het Nationaal Historisch Museum.
3. Nederlandse muzikanten dienen een eerlijke kans te krijgen om met muziek maken de kost te verdienen.
Concertbezoekers gaan we wettelijk beschermen tegen het opdrijven van de prijzen van tickets voor concerten en evenementen.
4. Beroepskunstenaars krijgen een eerlijke kans om met hun eigen werk een fatsoenlijk inkomen te verdienen. We hechten waarde aan talentontwikkeling van kunstenaars. Daarom gaan we zorgvuldig om met kunstvakonderwijs en met de postacademische instellingen. De creatieve sector verdient een
plaats in het innovatiebeleid. De overheid vervult een voorbeeldfunctie in cultureel opdrachtgeverschap.


NIET BIJ BROOD ALLEEN


Nieuw vertrouwen

5. Bibliotheken zijn niet alleen kenniscentra en culturele schatkamers voor jong en oud, maar ook ontmoetingsplaatsen voor de inwoners van wijken en dorpen. Ze verdienen daarom blijvende steun van de overheid.
6. Muziekscholen en fanfares, zangkoren en toneelclubs, poppodia, ateliers voor beeldende kunst en andere kleinschalige creatieve centra zijn de basis voor een breed cultureel leven. De overheid erkent daarom haar verantwoordelijkheid om dit culturele leven levendig te houden en waar nodig beter te ondersteunen.
7. Cultuureducatie in het onderwijs is van groot belang. Jong geleerd is oud gedaan. De cultuurkaart verdient daarom ondersteuning.
8. De Nederlandse film en de Nederlandse popmuziek dienen te worden gestimuleerd. Ook nieuwe media zien we als kansrijke nieuwe mogelijkheden voor kunstenaars.
9. Er komt een einde aan het op grote schaal inkopen en tegen woekerprijzen doorverkopen van concert- en festivalkaarten. Samen met de organisatoren wordt gekeken naar verbeteringen van de kaartverkoop.
10. We gaan zuinig om met de orkesten. Het Metropole Orkest willen we behouden en ook de diversiteit in orkesten in verschillende provincies vinden we waardevol.
11. Archeologie is een publieke taak. We gaan zuinig om met onze monumenten.

MEDIA

12. De Nederlandse Publieke Omroep en de regionale omroepen verdienen bescherming én verdere ontwikkeling. De fusies tussen omroepen kunnen doorgang vinden, mits ze worden gesteund door de omroepen zelf. Daarbij ligt de nadruk op kwaliteit, niet op kijkcijfers. Kijkers krijgen inspraak in het digitale zenderaanbod op televisie en radio. Tegenover de aanbieders (zoals kabelbedrijven) wordt een volwaardige vorm van consumenteninvloed op zenderpakketten ontwikkeld. Ook bij de gesubsidieerde media geldt het ministersalaris als plafond.
13. Er komt een meer onafhankelijke kijkwijzer, zodat de slager niet zijn eigen vlees hoeft te keuren. Beoordeling gebeurt behalve door de omroepen zelf daarom ook door onafhankelijke deskundigen; dat komt de betrouwbaarheid van de kijkwijzer ten goede.
14. Kranten staan onder druk. Verdergaande concentratie leidt tot verschraling van nieuws en opinie. De overheid zet zich in om de onafhankelijke (regionale) pers overeind te houden.
15. Vrij internet verdraagt zich moeilijk met een downloadverbod. Dat willen we dus niet. Maar creatieve makers van bijvoorbeeld films en muziek hebben natuurlijk wel recht op een vergoeding voor hun werk. We gaan dat in goed overleg regelen via het bestaande systeem van heffingen op dragers en media.
16. Er is een wanverhouding tussen het aantal journalisten en het aantal voorlichters. Daarom gaan we het aantal communicatiemedewerkers bij ministeries, provincies en gemeenten verminderen.
em/strongem/strong/strong/strong
Erfgoedem
MEDIAem