Dvd-anarchisme: testcase Wisconsin


Op Alphaville stuit ik op een lange verhandeling, verlucht met veel beeldmateriaal, over de carnavalesk anarchistische inslag van het Amerikaanse Occupy.

Dat is allemaal heel mooi, maar ik word zo stilaan toch wat moe van het gebruik van het woord ‘anarchisme’, zodra het om Occupy gaat.
Occupy heeft mij tot op heden nog niet heus de indruk gegeven, dat het ook maar in de buurt komt van enig begrip van wat anarchisme inhoudt. Dan heb ik het nog niet eens over het feit, dat de beweging nogal veel bewondering heeft voor maoïsten/leninisten als Badiou en Zizek, filosofen van wie je maar mag hopen dat ze niet net als Lenin als eersten klaar zullen staan om het arbeiderszelfbestuur naar de mallemoeren te helpen. Over de logische consequenties van Badiou’s retoriek kom ik wellicht nog eens te spreken, maar laat ik voor dit moment verwijzen naar Radendemocratie of staatscommunisme: Marxisme en anarchisme in de Russische Revolutie van Arthur Lehning. In dat oorspronkelijk in 1929 verschenen boek laat de Nederlandse anarchist heel precies zien, dat het stalinisme (toen nog maar op het punt van aanbreken) geen ongelukje was, maar het noodzakelijke gevolg van de eerdere bolsjewistische overmeestering en onderdrukking van het zelfbestuur.

En dat laatste woord, daar gaat het dus om. Anarchisme wil uiteindelijk niet zeggen ‘carnaval’ en ontregelende maskerade: anarchisme begint pas daar waar bedrijven in eigendom en daarmee zelfbestuur worden genomen door de werkenden, dus zonder coöptatie ook door een Communistische Partij.
En zolang daarover van Occupy niets wordt vernomen, laat staan actie wordt gezien, blijft het onvermijdelijk hangen in het symbolische, als een reformistische festivalisering van een sociale opstand. Goed voor de ontlading, om het maar eens in moderne sporttermen te zeggen. En altijd goed voor het netwerken. Maar het heeft nog altijd niets van een anarchistische revolutie.

En dan, erger nog: de slagzin van de ‘99%’ verhult het feit, dat de belangen van de gemiddelde westerling niet gelijkop lopen met die van pakweg Afrikanen, zoals die in de metaalmijnen voor onder meer de digitale industrie. Ik citeer maar eens wat:

Large-scale mining is so destructive to
the landscape that little in the way of traditional rural life is
liable to survive in its vicinity. Industrial mining generally
eliminates farming, fishing, small-scale forestry, and even—
as is apparent from events in Kalimantan—any previous
artisanal mining.
Despite the usual promise of jobs, the mining economy
typically creates little employment for those who lose their
livelihoods to the mine. In large operations, most workers
are not likely to come from local communities, since the
mining companies are usually looking for skilled labor.

Bron: No Dirty Gold

Als de Afrikanen, of al die andere armen in andere delen van de wereld die hun gronden zien verdwijnen in de handen van het geciviliseerde genot, het land en de eventuele delfstofwinning in eigen beheer zouden houden dan wel nemen, of ook maar het soort compensatie zouden eisen die Nederland zou verwachten als enige vreemde natie pakweg Texel zou willen opkopen (ja, dat wordt een hoge prijs, zeker als die mijnbouw ecologisch verantwoord moet geschieden, wat nu meestal niet het geval is), en als bijvoorbeeld de Ghanezen, wier straten worden overspoeld door elektronisch afval uit Europa, dat er zogenaamd gerecycleerd wordt, die rotzooi allemaal weer terug zouden sturen of zouden terugbrengen en in de grachten van Amsterdam zouden dumpen, en als alle Afrikaanse volkeren terug zouden komen eisen wat hen door de eeuwen heen is afgepikt, tot op de dag van vandaag, zoals de visgronden rond het hele continent die westerse en Aziatische trailers in een noodgang leeg aan het vissen zijn met onder meer Somalische piraterij tot gevolg, terwijl de bevolking van Afrika er eeuwen en eeuwen en eeuwen lang moeiteloos van heeft kunnen leven, als die klappen werden terug uitgedeeld, dan zou het nog wel eens snel gebeurd kunnen zijn met het carnavalekse geloof in de ‘99%’. Dat namelijk heeft verregaande gevolgen voor de dagelijkse westerse welvaart.

Maar misschien willen de mensen die gevolgen heus wel dragen, zijn ze echt solidair? Nu, de tekenen staan niet per se gunstig. Laten we eens beginnen bij het eiland waar Occupy begon: Manhattan.

According to the document by Pieter Janszoon Schagen our people (ons Volck)—Peter Minuit is not mentioned explicitly there—acquired Manhattan in 1626 from Native American Lenape people in exchange for trade goods worth 60 guilders, often said to be worth 24 US$, though (by comparing the price of bread and other goods) actually amounts to around $1000 in modern currency[26] (calculation by the International Institute of Social History, Amsterdam). The price was actually paid to the Canarsees, living in Brooklyn, while the true local people, the Weckquaesgeeks, were not party of the transaction.

Bron: Wikipedia

Manhattan dus is gestolen, afgepikt. Het wordt zelf al sinds eeuwen bezet, door de blanke Amerikanen en vervolgens de rest. Vanuit dit perspectief wordt de kreet ‘Occupy’ al bijna een gotspe, zolang men niets verneemt over een teruggave van Manhattan, of huur tegen een fatsoenlijke prijs. Dat wordt trouwens moeilijk: de Weckquaesgeek zijn uitgemoord.

Maar, er is nog altijd Wisconsin.

In de papieren ZEIT van deze week (dus niet op internet) staat een uitvoerig artikel over indianen-aktivist Michael Chapman en zijn niet aflatende strijd om ook maar een beetje vergoed te krijgen, wat zijn volk in het algemeen, zijn stam in het bijzonder, in de loop der eeuwen is afgepikt. Er zit een klein beetje schot in, zeker in vergelijking met het verleden, maar desalniettemin: zijn eigen stam, de Menominee, bezat 200 jaar geleden rond de 10 miljoen hectare grond. Nu is dat 95.175 hectare. De rest wordt, zogezegd, nog altijd bezet.

De Menominee worden overigens bezet door de staat Wisconsin. Ik heb eens opgezocht wat Occupy Wisconsin op zijn website over de Menominee te melden heeft. Het resultaat van de zoekopdracht:

Sorry, but nothing matched your search criteria. Please try again with some different keywords.

Dat valt toch wat tegen van een beweging die minstens streeft naar sociale rechtvaardigheid voor al die mensen die bezet zijn door het kapitalisme.

Als je zo al omgaat met de nog altijd oorspronkelijke bewoners van je grondgebied, wat valt er dan van deze wellicht ook carnavalesk anarchistische actievoerders te verwachten, als het om de rest van de door de VS uitgezogen wereld gaat? Ik vermoed: helemaal niets. Minstens het Amerikaanse Occupy is op zijn best een voorbeeld van dvd-anarchisme: even V for Vendetta kijken, het bijbehorende maskertje opzetten, en klaar ben je.
Gechargeerd gezegd, hoop ik dan maar.

Maar dan nog, een saillant detail: het aantal indianen in Amerika bedraagt een goede 2,8 miljoen mensen. De Amerikaanse bevolking als geheel bedraagt nu een goede 308 miljoen. Kortom, de indianen vormen zo’n 1% van de bevolking. Hun oorspronkelijke gebieden worden bezet gehouden door de 99%: een volgend voorbeeld van ver uiteengaande belangen.
Vergeet daarbij vooral niet: de indianen zijn de bevolkingsgroep met de hoogste armoedecijfers in de VS, alsook met het hoogste aantal zelfmoorden, plus een verhoogde kans op alcoholisme. Zij lijden het meest onder bezetting.

En zo is Occupy vooralsnog een leuk symbolisch speeltje met op zijn best sociaaldemocratische of D66-achtige hervormingen als eventueel resultaat, dan wel doelwit. En wat meer gemeenschapszin, vanuit anarchistisch perspectief zeker niet onbelangrijk, is natuurlijk ook nooit weg. Maar ach, ik ken een Nederlandse politieke partij die zich tegenwoordig wenst te posteren in het zogeheten ‘radicale midden’, en is gemeenschapszin niet al sinds jaar en dag een van haar stokpaardjes?
Voor anarchisme is al met al wel ietwat meer nodig dan carnavalsmaskers.
Het wordt echter wel tijd.

Overigens: het boek van Lehning, oorspronkelijk in het Frans geschreven, werd in 1972 door Van Gennep in het Nederlands uitgebracht. Het is antiquarisch nog verkrijgbaar, maar het schreeuwt om een heruitgave.

Bron: