Dieter M. Gräf (1960) debuteerde in 1994 met de dichtbundel Rauschstudie:Vater + Sohn,waarop nog volgden de bundels Treibender Kopf (1997),Westrand (2002) en Buch Vier (2008).
Zijn gedichten die vaak gebruik maken van tekstcollages maar even goed van brokstukken uit de autobiografie,kennen een heel eigen weerbarstige ritmiek.
Ook spelen altijd,al dan niet op de achtergrond,vraagstukken rond geweld en (Duitse) geschiedenis een rol. Zeker in Buch Vier nemen reisindrukken een belangrijke plaats in. Het gedicht hierbeneden is daarvan een voorbeeld. Deze vertaling verscheen eerder in Parmentier 18/1,naast verdere Gräf-vertalingen.
In nY 2009/4 publiceerde ik mijn vertaling van het lange gedicht ‘Platenspeler’uit Westrand. Naast die vertaling vindt de lezer overigens het originele Duits in een door Gräf herziene versie.
Ook voor Lyrikline vertaalde ik enige gedichten van Gräf.
In Nazi te Venlo wijdde ik enkele pagina’s aan zijn werk.
—————
DE NAAKTE GINSBERG
is de z van de brandladder opgeklauterd,
toont diegenen die onder hem wonen:
ik heb God gezien! Nog
altijd daar,ter hoogte van een
lage serafijn,ongeveer
in de sfeer van de zes kroonlijst
engelen van het Bayard Building;
hun breed uitgespreide armen,
als wilden zij met zijn allen
naar beneden springen. Ouderwets
is de stad geworden,
op zijn laatst sinds de Fedayin-piloten
hun films echtten,overtroffen,
sinds de 21e eeuw zijn Colosseum
in elkaar sloeg als kuil,niets.
Wie ontkwamen zagen
uit als een stam.
Zon,maan en sterren
zijn nog altijd wolkenkrabbers,
en op degene die de naakte Ginsberg
herbergen,groeien bomen.
Zelfs de meer imposante geven kleurig licht af.
Zulke gebergten,in slierende mist,
en uit de zinkputten van de ravijnen
stijgt damp op,Madison Ave. in,
de Fifth Avenue in. Donald Trump
verkondigt dat hij de Twin Towers na
wil bouwen,hoger! Intussen
in een shabu shabu restaurant
zitten,bij het huis van Edgar Allan Poe
de bereden politie bekijken.
John Lennon is dood. Dat begrijpen
wij allemaal,onder en boven de watertanks.

